|
Kennis over genetische aanleg voor diabetes leidt niet tot pessimisme |
|
|
|
|
© Bohn Stafleu van Loghum, Karin van Wordragen
|
|
zaterdag 11 juni 2011 |
|
Sociaal psycholoog Liesbeth Claassen onderzocht hoe mensen hun risico op diabetes en hart- en vaatziekten ervaren en er mee omgaan. Daarbij keek zij vooral naar de invloed van genetische informatie; gebaseerd op een positieve DNA test en/of ziekte familiegeschiedenis. Op 1 juni is zij gepromoveerd bij VU medisch centrum.
Claassen vond dat de vrees van sommige zorgverleners dat informatie over het genetische risico aanleiding geeft tot pessimistische reacties, ongegrond is. Mensen met een familiegeschiedenis van diabetes en hart- en vaatziekten ervaren weliswaar een hoger risico dan mensen zonder familiegeschiedenis, maar zien in een gezonde leefstijl een even goede manier om het risico te verlagen. Bovendien zeggen ze vaker een gezondere leefstijl te hebben dan mensen zonder familiegeschiedenis. Informatie over een familiair risico op ziekte werkt blijkbaar motiverend. Ook bleek uit haar onderzoek dat de meeste mensen wel weten wat de belangrijkste oorzaken en risicofactoren van diabetes en hart- en vaatziekten zijn, maar het hebben van een risicofactor (bijvoorbeeld overgewicht) vaak niet zien als een verhoogd risico voor zichzelf.
Zorgverleners zouden het begrip van het persoonlijke risico kunnen verbeteren door duidelijker te zijn over de invloed van persoonlijke risicofactoren op het ontstaan van ziekten.
|